ACAT Nederland

Mensenrechtenvereniging van Christenen voor de Afschaffing van Martelen en de Doodstraf

30 november 2007 (De reactie termijn voor deze actie is verlopen!)

Foltering en ontzegging medische verzorging in Kongo

Urgente Acties

U vindt de KERSTGROETENLIJST onder het kopje ‘Algemeen nieuws’.

ACTIE VOOR DHR. YAWA GOMONZA EN DHR. PAUL NDOKAYI UIT CONGO

ACAT NEDERLAND
Action des Chrétiens pour l’Abolition de Torture et Peine de Mort.

Son Excellence Joseph KABILA
Président de la République
Présidence de la République
Palais de la Nation
Avenue de Lemera
KINSHASA-NGALIEMA
REPUBLIQUE DEMOCRATIQUE DU CONGO

….. – 12 – ‘07.

Monsieur le Président de la République,

Membre de l’Acat-Pays-Bas je suis vivement préoccupée par les conditions de santé du commandant Yawa Gomonza, 61 ans, et du colonel Paul Ndokayi, 61 ans, actuellement détenus, sans jugement, au Centre pénitentiaire et de rééducation de Kinshasa (CPRK).

Ces deux officiers de haut rang de l’armée congolaise ont été arrêtés et violemement torturés, fin 2006, par des membres de la Direction des renseignements généraux et services spéciaux (DRGS). Ils n’ont jamais été soignés depuis un an et ont aujourd’hui besoin de toute urgence de soins médicaux.

Je vous demande:

* instamment de fournir des soins médicaux adaptés au commandant Yawa Gomonza
et au colonel Paul Ndokayi et de garantir qu’ils ne seront plus soumis à la torture;
* également de les libérer, à moins qu’ils ne soient déférés dans les plus brefs délais
devant un tribunal répondant aux normes internationales des procès et excluant le
recours à la peine de mort;
* d’enquêter sur les tortures qui ont été infligés à ces deux détenus par la DRGS et de
traduire les auteurs présumés de ces agissements devant une autorité judiciaire.

Veuillez agréer, Monsieur le Président de la République,
l’expression de ma plus haute considération.

nom: signature:

adresse:

Vertaling van de brief.
Als lid van Acat-Nederland maak ik me grote zorgen over de gezondheidssituatie van commandant Yawa Gomonza, 61 jaar, en van kolonel Paul Ndokayi, 61 jaar. Zij verblijven momenteel in het pénitentiaire Centrum en van omscholing van Kinshasa (CPRK) zonder veroordeling. Deze twee hoge officieren van het Kongolese leger werden eind 2006 door leden van de algemene inlichtingen en speciale diensten aangehouden (DRGS) en hevig gefolterd. Zij hebben dringend behoefte aan medische zorg en nu, na een jaar hebben zij deze zorg nog niet gekregen.

Ik verzoek u dringend:
* geneeskundige zorg te verlenen aan commandant Yawa Gomonza en aan kolonel
Paul Ndokayi en te garanderen dat zij niet meer zullen worden onderworpen aan
foltering;
* hen vrij te laten, hen tenminste zo snel mogelijk voor een rechtbank te brengen die
voldoet aan de internationale normen, een rechtvaardig proces te geven met
uitsluiting van een beroep op de doodstraf;
* een onderzoek in te stellen naar de folteringen die deze twee gevangenen hebben
ondergaan door leden van DRGS, de daders van deze handelingen te achterhalen en
hen voor een bevoegde rechtbank te brengen.

Uiteenzetting van de zaak.
Tijdens de verkiezingsperiode van 2006 zijn honderden tegenstanders van Joseph Kabila en personen van dezelfde etnische oorsprong als Jean-Pierre Bemba (belangrijkste politiek tegenstander van Kabila) in Kanshasa door de geheime politie gericht aangevallen.
Willekeurige arrestaties, folteringen, geheime opsluiting, buitengerechtelijke executies: de golf van repressie werd voornamelijk verricht door de Republikeinse garde en de algemene en speciale inlichtingendiensten (DRGS).
Talloze personen die een jaar geleden werden aangehouden en gemarteld worden nog steeds zonder beschuldiging en vorm van proces vastgehouden.
Twee hoge officieren van het Kongolese Nationale leger, commandant Yawa Gomonza en kolonel Paul Ndokayi, beiden 61 jaar, werden eind 2006 door de DRGS hevig gefolterd. Zij verblijven momenteel in de zwaarste gevangenis van Kinshasa. Zij hebben dringend medicijnen nodig om hun door foltering opgelopen verwondingen te behandelen.
Nu, na een jaar, zijn deze nog niet verzorgd. Commandant Yawa Gomonza werd op 1 december 2006 gearresteerd toen de politie zijn huis met geweld binnendrong. Hij werd met armen en benen vastgeketend; zijn uniform, camera en telefoon werden in beslag genomen.
In het gebouw van de inlichtingendienst werd hij heftig geslagen, beschuldigd van het organiseren van samenkomsten met de gewapende garde van Bemba. Ondanks de beschuldiging is hij nog niet veroordeeld.
Na deze foltering kan Yawa Gomonza niet meer alleen lopen; hij kan zich slechts verplaatsen met ondersteuning van andere gevangenen. Hij lijdt aan hoge bloeddruk.

Kolonel Paul Ndokayi werd op 27 november 2006 gearresteerd. Na ondervraging kwamen vijf mannen terug, die hem sloegen, in handboeien wegvoerden, waarna hij opnieuw werd gefolterd. Op 29 november 2006 is Paul Ndokayi vijf uren lang over zijn hele lichaam geslagen met riem en knuppel; zijn folteraars plaatsten een mes in zijn voet. Hij verloor het bewustzijn, waarna een stuk hout tussen zijn vingers werd geplant en op zijn hand werd geslagen. Meerdere botten zijn gebroken.
Paul Ndokayi heeft nu pijn in zijn hele lichaam, kan zijn armen en benen nauwelijks bewegen. Hij klaagt over pijnlijke en bloedende oren, hoort slecht.
Hij heeft tijdens zijn gevangenschap nog geen enkele medische hulp gekregen.
Hij is beschuldigd van ‘terrorisme’ en zit al meer dan tien maanden zonder veroordeling opgesloten.

U kunt een kopie sturen aan:

Ambassadeur
mw. drs. E.C.W. van der Laan
B.P. 10299
GOMBE
KINSHASA
fax 00-243-999975326
e-mail: kss@minbuza.nl

Ambassade van de Republiek Congo
Z.E. de heer Jacques OBIA
Avenue F. Roosevelt 16-18
B 1050 BRUSSEL
BELGIË
fax :00-322/6484213
e-mail: geen

Achtergrondinformatie Kongo.
De huidige president is Joseph Kabila.
Kongo-Kinshasa (eigenlijk kortweg Kongo) of de Democratische Republiek Kongo (vaak afgekort als DR Kongo), het vroegere Zaïre, is een onafhankelijk land in centraal Afrika.
Kongo betekent jager in het Kikongo, één van de oorspronkelijke talen die in het zuidwesten van Kongo wordt gesproken en was ook de naam van een prekoloniaal koninkrijk.
Kongo-Kinshasa is onderverdeeld in 11 provincies.
Meer dan 80% van de bevolking is christen, waarvan 50% rooms-katholiek, 30% protestant en 17% behoort tot de verschillende inheemse kerkgenootschappen. Sinds 1990 geniet de bevolking godsdienstvrijheid.
De Republiek Kongo werd 15 augustus 1960 onafhankelijk van België. Een algemene opstand in 1963 werd gevolgd door een militaire coup in 1968 en moord op de president in 1977. Ondanks de voortdurende antiwesterse politiek zijn de banden met Frankrijk en de rest van de westerse wereld uit praktische overwegingen niet verbroken.

Mensenrechten
Kongo heeft het grootste deel van de internationale mensenrechtenverdragen getekend maar nog niet geratificeerd, waaronder het Internationale Verdrag over de Politieke en Burgerrechten, het Internationale Verdrag over de Economische, Sociale en Culturele Rechten, het Verdrag over de Rechten van het Kind en het Verdrag tegen Rassendiscriminatie. Het Verdrag tegen Discriminatie van Vrouwen is geratificeerd. Kongo heeft het Verdrag van Ottawa over de uitbanning van mijnen geratificeerd.
Sinds het einde van de vijandelijkheden heeft de regering een Nationale Directie voor de Mensenrechten opgericht, binnen het ministerie van Justitie. Ook is de instelling van een Nationale Commissie voor de Mensenrechten voorzien.
Een aantal NGO’s speelt een voortrekkersrol op het gebied van de mensenrechten.
De bekendste NGO op dit terrein is de Observatoire Congolais des Droits de l’Homme (OCDH). Deze organisatie publiceert met enige regelmaat overzichten van schendingen van mensenrechten in het land. Internationale mensenrechtenorganisaties als Amnesty International, Human Rights Watch en FIDH (Fédération Internationale des Ligues des Droits de l’Homme) hebben onderzoeken gedaan in Kongo.
De vrijheid van meningsuiting en de persvrijheid wordt door de overheid in het algemeen gerespecteerd, hoewel de nieuwsvoorziening grotendeels door de overheid verzorgd wordt. Veiligheidsdiensten maakten zich schuldig aan het slaan van verdachten, om bekentenissen af te dwingen of om ze te straffen. Soms worden vrouwelijke gevangenen verkracht. Er worden wel disciplinaire maatregelen genomen tegen de verantwoordelijken en strafrechtelijke onderzoeken en gerechtelijke procedures worden ingesteld.

Het rechtssysteem bestaat uit traditionele rechtbanken, lokale rechtbanken, gerechtshoven en het hooggerechtshof. De eerste zijn vooral op het platteland actief en behandelen eigendoms- en erfrechtzaken evenals familiezaken, die niet in de grootfamilie opgelost kunnen worden.

Sociale situatie.
De Republiek Kongo is rijk aan natuurlijke hulpbronnen. Het is de op drie na grootste producent van olie. Maar deze rijkdom heeft een smalle basis: er is weinig verband tussen de kapitaalintensieve oliesector en de rest van de economie en werkgelegenheidssituatie.
Bovendien is er de voortdurend instabiele situatie, ondanks het vredesakkoord.

In 2004 stond de Republiek Kongo op plaats 144 van 177 op de Human Development Index van UNDP; 70% van de bevolking leeft onder de armoedegrens, 50% is werkeloos.
Er is leerplicht tot het zestiende jaar en het onderwijs is gratis. Evenveel jongens als meisjes gaan naar de lagere school, maar op de middelbare school en de universiteit neemt het percentage meisjes af.
De tienduizenden Pygmeeën, die hoofdzakelijk in het oerwoud in de noordelijke regio’s wonen, worden niet gelijk behandeld in de overwegend Bantu gemeenschap. Vooral op het gebied van onderwijs, werkgelegenheid en gezondheid worden zij achtergesteld, hetgeen ook te maken heeft met hun geïsoleerde leefomgeving. Zij worden sociaal als minderwaardig beoordeeld en veel Pygmeeën, waaronder waarschijnlijk ook kinderen, worden door de Bantu’s uitgebuit.

ACTIE VOOR DHR. MOHIT RAM UIT NEPAL

ACAT NEDERLAND
Action of Christians for the Abolition of Torture and capital punishment.

Minister Krishna Prasad Sitaula
Government of Nepal
Ministry of Home Affairs
Singha Durbar
KATHMANDU
NEPAL
Fax: 97714211232
e-mail: moha@wlink.com.np

.. – 12 – 07.

Dear Minister,

As a member of ACAT Netherlands I am very concerned about Mr. Mohit Ram.
ACAT Netherlands has been informed by a reliable source about the alleged acts of torture against Mr. Mohit Ram while in police custody and the fear for his psychological and physical integrity as he remains detained in the same police detention centre.
I ask you urgent:

* guarantee, in all circumstances, the physical and psychological integrity of Mr. Mohit
Ram;
* order the immediate transfer of Mr. Mohit Ram to another detention place;
* guarantee unconditional access to his lawyer, family and any medical treatment he
may require;
* order his immediate release in the absence of valid legal charges that are consistent
with international law and standards, or if such charges exist, bring him before an
impartial and competent tribunal and guarantee his procedural rights at all times;
* order a thorough and impartial investigation into these events, in particularly the
alleged torture inflicted by police officers at DPO Morang, in order to identify all those
responsible, bring them to trial and apply the penal and/or administrative sanctions
as provided by law;
* guarantee that adequate compensation is awarded to the victim;
* ensure the respect of human rights and fundamental freedoms throughout the
country in accordance with national laws and international human rights standards.

Respectfully yours,

name: signature:

address:

Vertaling van de brief.
Als lid van ACAT Nederland maak ik me zeer bezorgd over dhr. Mohit Ram. ACAT heeft uit betrouwbare bron vernomen dat dhr. Mohit Ram gemarteld is tijdens zijn detentie in de politiecel; gevreesd wordt voor zijn psychologische en fysieke integriteit aangezien hij in dezelfde politiegevangenis wordt vastgehouden.

Ik verzoek u dringend:
* in alle omstandigheden de fysieke en psychologische integriteit van dhr. Mohit Ram
te waarborgen;
* onmiddellijk opdracht te geven om dhr. Mohit Ram over te brengen naar een ander
detentiecentrum;
* onvoorwaardelijk toegang te verlenen aan zijn advocaat, zijn familie en de medische
behandeling die hij nodig heeft;
* bij gebrek aan legitieme bewijzen opdracht te geven tot zijn onmiddellijke vrijlating
in overeenstemming met internationale wetten en normen of indien zulke bewijzen
bestaan hem voor een onpartijdige en bevoegde rechtbank te brengen en ten allen
tijde zijn procedurele rechten te garanderen;
* opdracht te geven tot een grondig en onafhankelijk onderzoek naar deze
gebeurtenissen, in het bijzonder naar de genoemde martelingen toegebracht door
politieambtenaren in DPO Morang om de verantwoordelijken te achterhalen, hen voor
de rechter te brengen en de straffen/ of administratieve sancties toe te passen zoals
de wet daarin voorziet;
* te garanderen dat het slachtoffer adequate compensatie krijgt;
* de mensenrechten en fundamentele vrijheden in het gehele land te respecteren in
overeenstemming met nationale en internationale wetten en mensenrechtennormen

Uiteenzetting van de zaak.
Dhr. Mohit Ram is tijdens zijn verblijf in politiebewaring gemarteld. Hij zit nog steeds in dezelfde politiegevangenis waar hij fysiek en psychologisch lijdt.
Mohit Ram werd op 29 oktober 2007 in de nacht gearresteerd op beschuldiging van diefstal. Hij werd ondervraagd door vijf agenten in burger, gaf zijn betrokkenheid bij de diefstal toe, vertelde dat de goederen bij zijn vriend waren. Hierna begonnen de agenten hem lukraak met gummistokken te slaan. Hij werd gedwongen om op de vloer te zitten, zijn handen werden met touwen vastgebonden en hij moest zijn knieën buigen. Er werd een stok onder zijn knieën geplaatst, waaraan hij werd opgetild, hij werd gedurende een half uur op zijn voeten geslagen terwijl de ondervraging doorging. De politie tilde vervolgens zijn lichaam op en hij moest 3 à 4 minuten op zijn voeten springen. Hij werd in een vrouwencel opgesloten waar de ondervraging over wapens en geld verder ging. Bovengenoemde martelingen vonden opnieuw plaats op de dagen daarna twee keer per dag plaats in de vrouwencel van DPO Morang.
Het werd hem verboden om de martelingen te melden aan mensenrechtenactivisten, integendeel: hij moest een positieve behandeling vermelden.
Op 14 november werd hij voor de derde keer in voorarrest genomen. Vanaf 15 november zit dhr. Mohit Ram in de gevangenis van DPO Morang. Hij is bang voor verdere martelingen en kreeg nog geen medicijnen voor de verwondingen in elleboog en voet.
ACAT maakt zich grote zorgen over de straffeloosheid die de daders genieten.

U kunt een kopie sturen aan:

Ambassade van het Koninkrijk Nepal
mw.Ambika Devi LUINTEL geb. Manandhar
Avenue Brugmann 210
B-1180 BRUSSEL
BELGIË
fax :00-322/3441361
e-mail: rneb@skynet.be

Mr. Kedar Nath Uppadhya
Chairman of the National Human Rights Commission
Pulchowck
LALITPUR
NEPAL
fax: +977 1 5547973
e-mail: nhrc@nhrcnepal.org
and also: complaints@nhrcnepal.org

Achtergrondinformatie Nepal.
Het staatshoofd is koning Gyanendra Bir Bikram Shah Dev
De regeringsleider is Girija Prasad Koirala; hij verving de koning in april 2006.

Mensenrechten
Massale protesten in april 2006 lokten een politieke machtsoverdracht uit, waardoor een staakt-het-vuren tot stand kwam en het vredesproces kon worden hervat.
Dit kwam de mensenrechtensituatie wezenlijk ten goede; de hoop bestond dat slepende kwesties, zoals discriminatie op grond van kaste, afkomst en geslacht, nu zouden worden aangepakt.
De nieuwe coalitieregering en de gewapende oppositiebeweging Communistische Partij van Nepal (CPN, maoïstisch) legden hun toezeggingen ten aanzien van de mensenrechten vast in een reeks akkoorden, die uitmondden in het Overkoepelend Vredesakkoord, dat in november 2006 ondertekend werd.

Grote problemen bleven echter bestaan, zoals het aan hun beloften houden van beide partijen en het berechten van verantwoordelijken voor mensenrechtenschendingen en gewelddaden uit het verleden.

De doodstraf is afgeschaft voor alle misdrijven.
Het Internationaal Strafhof is niet ondertekend

Sociale situatie
In de Human Development Index (UNDP 2005) staat Nepal op de 136e plaats van de in totaal 173 landen. De gemiddelde levensverwachting is relatief laag (60,09 jaar voor mannen en 59,5 jaar voor vrouwen). De moeder- en kindersterfte is groot. Veel kinderen bereiken de leeftijd van vijf jaar niet. Meer dan 40% van de bevolking bevindt zich onder de armoedegrens, 48% van de kinderen onder de vijf jaar kampen met ondergewicht en 19% van de bevolking is ondervoed. UNICEF schat dat ongeveer 36% van de bevolking onvoldoende eiwitten en vitaminen binnenkrijgt. Eind 2002 schatte de WHO en UNAIDS het aantal volwassenen en kinderen met HIV/AIDS op 60.000.
Er is een groot gebrek aan medische voorzieningen. Naast een tekort aan ziekenhuizen is er een groot gebrek aan medicijnen.
De alfabetiseringsgraad is stijgende: voor mannen 62%. Voor vrouwen is de alfabetiseringsgraad slechts 34,9% . Het basisonderwijs is gratis en verplicht voor alle kinderen van 6-11 jaar. In de praktijk gaat echter slechts de helft van alle Nepalese kinderen naar school en verlaten veel kinderen vroegtijdig de school.
Nepal was volgens de grondwet een hindoeïstische staat, maar werd in mei 2006 uitgeroepen tot seculiere staat. Dit moet nog worden verankerd in een nieuwe grondwet. Het grootste deel van de bevolking is hindoe (86,5%). Het hindoeïstische kastenstelsel heeft behalve een religieuze functie, vooral ook een sociale functie. Sinds 1963 is het kastensysteem officieel bij wet verboden, maar het speelt desondanks nog een heel belangrijke rol in de Nepalese samenleving.
In Nepal behoren ca. 2 miljoen Nepalezen tot de kastelozen (dalits). Zij worden als paria beschouwd, bekleden vaak beroepen of verrichten werkzaamheden die anderen niet willen verrichten en worden met name in de rurale gebieden gediscrimineerd.
In de hindoeïstische cultuur hebben meisjes/vrouwen een lagere status dan jongens/mannen en zij genieten niet dezelfde rechten en mogelijkheden. Meisjes/vrouwen hebben dan ook op verschillende terreinen te maken met achterstand. Hun levensverwachting is laag, hun alfabetiseringsgraad is laag. Ook zijn vrouwen ondervertegenwoordigd in overheidsorganisaties.
Kinderarbeid komt in Nepal veelvuldig voor. Veel kinderen werken in de toeristische sector of in de tapijtindustrie, weer anderen werken op het land van hun ouders. Op deze wijze dragen zij een steentje bij aan het inkomen van hun familie. Hiernaast werken ruim 100.000 Nepalese meisjes en jongens in bordelen in India (Bombay, Delhi, Calcutta en andere steden). Hun aantal neemt toe.

Geen kerstcantate

Niet alleen in het holst
van de nacht van het jaar,
iedere dag van het jaar
heeft het licht het koud.

Het vraagt om geen engelenstemmen,
het hongert naar
een beetje gerechtigheid
aan deze kant van de tijd.

En dromen doet het ook niet van
eeuwig hemelse zomers
in en om het vaderhuis,
het hunkert naar

aardse dagen ooit
zonder marteling en moord,
het licht dat van puur licht
kind is en woord.

Hans Andreus
(1926-1977)

Uw mening telt…

Wat denkt u van de mensenrechten situatie?

Toon resultaten

Loading ... Loading ...