ACTIE VOOR DHR. FARZAD ALIZADEH MOHAJER
EN VOOR DHR. MOHAMMAD ZAFARI IN IRAN
His Excellency Ayatollah Sayed ‘Ali Khamenei
The Office of the Supreme Leader
Shoahada Street
Qom
RÉPUBLIQUE ISLAMIQUE D’IRAN
…. – 07- 07.
Excellence,
Membre de l’ACAT-Pays-Bas , je suis extrêmement préoccupé(e) par la situation de Messieurs Farzad Alizadeh Mohajer, alias Abbas, et Mohammad Zafari.
Farzad Alizadeh Mohajer en Mohammad Zafari.
* Ils risquent d’être exécutés de façon imminente. Leur peine a été confirmée en appel
le 6 septembre 2006 par 77e chambre du tribunal pénal de Téhéran ainsi que par la
39e chambre de la Cour suprême.
* Bien que reconnaissant que les États ont le droit et le devoir de traduire en justice
les personnes soupçonnées d’infractions pénales, l’ACAT est opposée à la peine
capitale qui constitue un châtiment cruel, inhumain et dégradant et une violation du
droit à la vie.
* L’application de la peine de mort en l’état en Iran est contraire au Pacte international
relatif aux droits civils et politiques que votre pays a ratifié.
* Je vous demande instamment de commuer immédiatement les condamnations à
mort prononcées contre Farzad Alizadeh Mohajer et Mohammad Zafari.
Dans cette attente, veuillez agréer, Excellence, l’expression de ma haute considération.
nom: signature:
adresse: :
Vertaling van de brief.
Als lid van ACAT Nederland ben ik erg bezorgd over de situatie van dhr. Farzad Alizadeh Mohajer, alias Abbas, en van dhr. Mohammad Zafari.
* De op handen zijnde doodstraf dreigt aan hen te worden voltrokken.
* Hun straf werd in hoger beroep op 6 september 2006 door 77e kamer van de
strafrechtbank van Teheran alsmede door de 39e kamer van het Hooggerechtshof
bekrachtigd.
* Hoewel Staten het recht en de plicht hebben om personen die van strafovertredingen
worden verdacht op een rechtvaardige manier voor de rechtbank te brengen, is
ACAT tegen de doodstraf, die een vorm is van gewelddadige tuchtiging, onmenselijk
en onterend is en een schending van het recht op leven.
* De toepassing van de doodstraf in de Staat Iran is in strijd met de internationale
verdragen die betrekking hebben op de burgerlijke en politieke rechten die uw land
heeft ondertekend.
* Ik verzoek u dringend om onmiddellijk de terdoodveroordelingen tegen
Farzad Alizadeh Mohajer en Mohammad Zafari om te zetten.
In afwachting, met de meeste hoogachting
Uiteenzetting van de zaak.
Farzad Alizadeh Mohajer, alias Abbas, van 21 jaar, en Mohammad Zafari zijn veroordeeld tot de doodstraf vanwege de aanranding van een minderjarige in begin 2005.
Hun straf is bekrachtigd op 6 september 2006 door een rechtbank in Teheran en door het Hooggerechtshof. Beide mannen werden vertegenwoordigd door een aan hen toegewezen advocaat.
De doodstraf dreigt binnenkort te worden voltrokken. Wilt u daarom vóór 6 juli 2007 reageren?
U kunt een kopie sturen aan:
Radinck J. van Vollenhoven
Ambassador of the Kingdom of the Netherlands
P.O. Box 11365-138
TEHERAN
IRAN
fax: 0098 (0) 21 2256.69.90
e-mail: teh@minbuza.nl
en aan:
Z.E. de heer Bozorgmehr ZIARAN
Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur
Ambassade van de Islamitische Republiek Iran
Duinweg 20
2585 JX Den Haag
Fax: 070-3503224
E-mail: info@iranianembassy.nl
Achtergrondinformatie Iran.
De geschiedenis van het moderne Iran begon in 1925, toen Reza Pahlavi zichzelf uitriep tot de Shah (koning) van Perzië. Onder zijn krachtige bewind werd de modernisering van het land ingezet.
Toen bleek dat de Shah pro-Duitse sympathieën had, werd hij in 1941 vervangen door zijn zoon, Muhammad Reza Pahlavi. De nieuwe Shah werd een trouwe bondgenoot van het Westen en de VS. Muhammad Reza Shah voerde vanaf de jaren zestig een sterk persoonlijk bewind, er vond een aantal politieke, economische en sociale hervormingen plaats. Brede lagen van de bevolking profiteerden niet van deze het succes van deze hervormingen.
Het toenemend verzet tegen dit bewind leidde in 1979 tot het verval en vertrek van de Sjah. De macht kwam na een korte overgangsperiode in handen van de Islamitische geestelijke Ayatollah Khomeini, die kort daarop de Islamitische Republiek Iran uitriep.
Onder leiding van Khomeini werd een sterk isolationistisch bewind gevoerd en werden de VS en Israël uitgeroepen tot staatsvijanden. Van 1980 tot 1989 verkeerde Iran in een hevige oorlog met buurland Irak. Deze oorlog, die veel slachtoffers eiste, greep diep in de Iraanse samenleving en economie in.
Na de dood van Ayatollah Khomeini zakte het revolutionaire elan in Iran langzaam weg.
Een groot deel van de Iraanse bevolking heeft de Islamitische Revolutie niet bewust meegemaakt. De wens naar veranderingen kwam tot uiting toen in mei 1997 een relatief gematigde kandidaat Khatami tot president werd gekozen. Deze wens werd opnieuw benadrukt toen president Khatami in juni 2001 met 77% van de stemmen voor een tweede termijn van 4 jaar werd herkozen. Ook de parlementsverkiezingen van februari 2000 hebben een ruime overwinning voor de hervormingsgezinden opgeleverd.
Maar bij de parlementsverkiezingen van februari 2004, waarbij ongeveer 2500 kandidaten van deelname werden uitgesloten door de niet-verkozen Raad van Hoeders, werd de terugslag duidelijk voor het hervormingsproces. Vertegenwoordigers van een relatief nieuwe beweging, de Abadgaran-e Iran-e Eslami (‘Bouwers van een Islamitisch Iran’) behaalden de meerderheid. De Abadgaran is een samenwerkingsverband van verenigingen en partijen die ijveren voor de religieuze idealen van de Iraanse revolutie. De Abadgaran startte bij de lokale verkiezingen van februari 2003. De verkiezing van de nieuwe president Ahmadinejad tot president in juli 2005 betekende het einde van acht jaar regeringsverantwoordelijkheid van de hervormingsgezinden.
Ahmadinejad dankte zijn populariteit onder meer aan zijn belofte prioriteit te geven aan de lediging van sociale noden, bestrijding van armoede en discriminatie en aan technologische vooruitgang.
Mensenrechten
De mensenrechtensituatie betreffen de detentie van gewetensgevangenen; de doodstraf in het algemeen en executies van minderjarigen in het bijzonder; beperking van geloofsvrijheid in het algemeen en onderdrukking van Baha’is en Soefi’s in het bijzonder; de arrestatie, detentie en veroordeling van vakbondsactivisten.
Seksuele handelingen tussen personen van gelijke sekse zijn strafbaar.
In 2006 is in VN-kader de mensenrechtensituatie in Iran opnieuw veroordeeld.
De persvrijheid zwaar aan banden gelegd. Nederland bevordert de vrije media bij haar inzet in Iran. Het bevorderen van onafhankelijke en pluriforme media dient het recht op vrije nieuwsgaring én het recht op vrije meningsuiting, beide vastgelegd in internationale mensenrechtenverdragen. Het heeft daarmee tevens een positieve invloed op eerbiediging van mensenrechten in brede zin.
Sociale situatie
De positie van de vrouw is de laatste jaren op sommige gebieden verbeterd, al hebben vrouwen nog een achterstandspositie in o.m. de wetgeving en rechtspraktijk.
In een aantal opzichten hebben vrouwen in de Iraanse maatschappij wel betere kansen om zich te ontwikkelen dan vrouwen in andere islamitische landen. De instroom van vrouwelijke studentes aan de Universiteit van Teheran is op dit moment hoger dan van mannelijke studenten. Vrouwen blijven echter duidelijk ondervertegenwoordigd in belangrijke functies.
ACTIE VOOR DHR. KARTHAKESU CHANDRAMOHAN
EN VOOR DHR. SINNARASA SHANMUGALINGAM IN SRI LANKA
President Mahinda Rajapakse
Presidential Secretariat
COLOMBO 1
SRI LANKA
Fax: + 94 11 2446657 / +94 11 2472100.
… – 07 – 07.
Dear President,
As a member of ACAT Netherlands I am very concerned about the abducation and killing of Mr. Karthakesu Chandramohan and Mr. Sinnarasa Shanmugalingam.
I ask you urgently:
* order a thorough and impartial investigation into the abduction and subsequent
assassination assassination of Mr. Karthakesu Chandramohan and
Mr. Sinnarasa Shanmugalingam;
* identify all those responsible, bring them before a civil competent and impartial
tribunal and apply to them the penal, civil and/or administrative sanctions
provided by the law;
* guarantee that adequate reparation is provided to their families;
* guarantee the respect of human rights and the fundamental freedoms
throughout the country in accordance with national laws and international
human rights standards.
Yours respectfully,
name: signature:
address:
Vertaling van de brief.
Als lid van ACAT Nederland ben ik zeer bezorgd over de ontvoering van op moord op
dhr. Karthakesu Chandramohan en dhr. Sinnarasa Shanmugalingam
Ik verzoek u dringend:
* een grondig en onafhankelijk onderzoek te verrichten naar de ontvoering van en de
moord op M. Karthakesu Chandramohan en M. Sinnarasa Shanmugalingam;
* opdracht te geven om alle verantwoordelijken te identificeren, hen voor de
bevoegde, burgerlijke en onpartijdige rechtbank te brengen en op hen de burgerlijke
en/of administratieve sancties toe te passen die door de wet worden verstrekt;
* te garanderen dat aan hun families een adequate schadevergoeding wordt gegeven;
* het respect voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden in het hele
land te garanderen in overeenstemming met nationale wetten en internationale
mensenrechtennormen.
Uiteenzetting van de zaak
Twee vrijwilligers van het Rode Kruis van Sri Lanka (SLCR0 zijn op 1 juni 2007 ontvoerd. Zij waren op de terugweg van een vijfdaagse workshop. Vier tot vijf mensen in burger vroegen om hun identiteit. De Rode Kruis medewerkers werden zowel individueel als gezamenlijk ondervraagd in de taal Sinhala. Zij zeiden meer informatie nodig te hebben van M. Chandramohan en van M. Shanmugalingam. Omdat deze twee personen de taal Sinhala niet machtig waren wilde een ander mee om te vertalen; hij kreeg echter geen kans om in te stappen: de auto vertrok. Op 2 juni 2007 werden de lichamen van M. Chandramohan en van M. Shanmugalingam gevonden. Onderzoek toonde aan dat zij aan de verwondingen van een kogel zijn overleden.
U kunt een kopie sturen aan:
Mr. C.R. De Silva
Attorney General
Attorney General’s Department
COLOMBO 12
SRI LANKA
fax: +94 11 2 436421
e-mail: attorney@sri.lanka.net
Human Rights Commission of Sri Lanka, No. 36, Kynsey Road
Colombo 8
SRI LANKA
fax: +94 11 2 694 924 / 696 470
e-mail: sechrc@sltnet.lk
Drs. Reynout S. van Dijk ambassador
25, Torrington Avenue
COLOMBO 07
SRI LANKA
fax: +94-(0)11-2502855
e-mail: dutchcon@klm.com.mv
Ambassade van de Democratische Socialistische Republiek Sri Lanka
H.E. mw. Pamela Jayasekera DEEN
Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur
Jacob de Graefflaan 2
2517 JM DEN HAAG
fax: 070-3465596
e-mail: mission@infolanka.nl
Achtergrondinformatie Sri Lanka
De Singalese bevolking vestigde zich aan het einde van de 6e eeuw voor Chr. in het huidige Sri Lanka waarschijnlijk vanuit Noord India. In de 3e eeuw voor Chr. ontwikkelde zich een hoogstaande boeddhistische beschaving, met invloedrijke koninkrijken tot 1200 na Chr. In de 14e eeuw werd vanuit Zuid India een Tamil koninkrijk gevormd in het noorden. Nadat Portugal en Nederland de heerschappij over het eiland voerden namen de Engelsen het bestuur over. Op 4 februari 1948 verkreeg Ceylon als ‘dominion’ binnen het Britse Gemenebest de onafhankelijkheid. In 1972 werd Ceylon uitgeroepen tot de onafhankelijke republiek Sri Lanka. In 1978 werd een nieuwe grondwet aangenomen en werd de officiële naam "Democratic Socialist Republic of Sri Lanka".
Uit de Volkskrant van 20 juni 2007:
‘Dood en verderf op rijk toeristeneiland’, door Natalie Righton
De 18-jarige Kanan Kuharajan zat op 4 mei thuis bij zijn ouders televisie te kijken, toen vier gewapende mannen binnenkwamen. Ze dwongen Kanan mee te gaan voor ondervraging.
Aan de ouders van Kanan wilden de mannen niet zeggen waar ze hem mee naar toe namen of waarom. Van de jongen is nooit meer iets vernomen. De Sri Lankaanse mensenrechtencommissie heeft afgelopen anderhalf jaar in Jaffna, het noordelijk schiereiland van Sri Lanka, 805 ‘ontvoeringen’ van bewoners geteld. Kanan is een van hen. Van de meeste opgepakte bewoners is het lot onduidelijk, soms worden lijken terug gevonden op straat. Generaal Chandrasiri van het regeringsleger geeft betrokkenheid van regeringstroepen bij de ontvoeringen toe. Het zou niet om burgers gaan, maar om Tamil Tijgers.
Sri Lanka, bij de meeste Europeanen bekend als toeristeneiland, is al 24 jaar verwikkeld in een bloedige strijd waarbij zeventigduizend mensen zijn omgekomen. Tamil-rebellen strijden voor een onafhankelijk staat voor drie miljoen hindoeïstische Tamils in het noorden en oosten van het land.
Zij voelen zich als etnische groep gediscrimineerd door de boeddhistische Singalese gemeenschap, die met 15 miljoen mensen (75 procent) de meerderheid vormen.
De wapenstilstand die in 2002 tussen de Tamil Tijgers en de regering werd getekend, is in de praktijk verbroken. Sinds het aantreden van president Mahinda Rajapakse in november 2005, is het geweld toegenomen: bijna vijfduizend personen – soldaten, strijders en burgers – zijn gedood.
Zelfmoordaanslagen en landmijnen in drukbevolkte gebieden, ook in het zuiden, zijn steeds gebruikelijker geworden. Eind mei kwamen bij een bomaanslag nabij de hoofdstad Colombo nog zes personen om het leven, onder wie in ieder geval een burger, en raakten twintig mensen gewond. Hulpverleners zijn bovendien niet meer veilig: op 14 juni werd een Filipijnse hulpverlener door regeringstroepen doodgeschoten, op 2 juni werden de vermoorde lichamen van twee Rode Kruis-medewerkers gevonden. Ook de hoofdstad Colombo is voor burgers niet zomaar meer veilig.
Op 7 juni werden tijdens een klopjacht van de politie 376 inwoners van hun bed gelicht. Met bussen werden ze de stad uitgevoerd, met de mededeling dat ze zich maar in het noorden of oosten van het land moesten vestigen. Allen zouden Tamils zijn. De Verenigde Naties hebben de gedwongen burgerverhuizing sterk veroordeeld.
De Tamil Tijgers zijn qua geweld misschien nog bruter dan de regeringstroepen. Tamil Tijger-leider Velupillai Prabhakaran maakt graag gebruik van kindsoldaten, volgens sommige berichten zou hij zelf twee kinderen per Tamil-gezin opeisen voor de strijd. Het conflict in Sri Lanka is om een aantal redenen wonderlijk. Daar waar de meeste burgeroorlogen ontstaan in landen waar armoede welig tiert, is Sri Lanka redelijk welvarend. Met een gemiddeld inkomen van 1.350 dollar per hoofd van de bevolking, twee keer zoveel als India, is het land een van de rijzende sterren van Zuid-Azië.
Zelfs tijdens de oorlog in de jaren negentig realiseerde het land een economische groei van 5 procent, nu is het 7 procent.
Misschien nog wel gekker: ondanks de burgeroorlog trekt het land meer dan een half miljoen toeristen per jaar. Wie rondreist ziet geen kapot geschoten huizen en dorre vlaktes van mislukte oogsten, maar witte zandstranden omgeven door palmbomen en volle, groene theeplantages. Dat is niet bepaald het beeld van een land waar een oorlog woedt.
Voormalig kolonisator Groot-Brittannië drong op 12 juni officieel aan op hervatting van het vredesoverleg. Maar zelfs als president Rajapakse de Tamils zelfbestuur zou geven of hen zou willen laten meedelen in de macht in Colombo, zou hij zijn nationalistische Singalese bondgenoten ook zover moeten krijgen. En dat ligt niet voor de hand. De baas van het regeringsleger, generaal Sarath Fonseka, beloofde begin dit jaar dat hij de Tamil Tijgers zou ‘vernietigen’. Minister van Defensie Gotabaya Rajapakse had het vorige maand over de ‘uitroeiing’ van de Tijgers. En volgens een opiniepeiling onder de Singalese bevolking in februari van dit jaar, zou 59 procent voor een ‘militaire oplossing’ van het conflict zijn.
Het zal nog een tijd duren voor er zicht is op vrede. De volgende verkiezingen, waarbij de kaarten opnieuw geschud kunnen worden, zijn in 2010. Tot die tijd wordt het leven van miljoenen Sri Lankanen beheerst door dood, verderf en onzekerheid.
Voor leugens als daad van vriendelijkheid
Ik zoek genade
voor hen die niet de moed hebben
de slechterik te zeggen dat hij slecht is
de schurk dat hij een schurk is,
voor hen die aarzelen
pijn te doen met de waarheid, voor mensen die liegen uit vriendelijkheid.
voor de man die liever wordt vernederd
dan te vernederen,
voor de man die niet de moed heeft
een masker af te rukken als hij dat ziet
op iemands gezicht,
voor hen die mensen met andere denkbeelden
en geloof niet kunnen beledigen,
voor hen die geen vonnis
kunnen uitspreken over anderen,
voor wie alle rechters streng lijken
voor ieder aardig onwaar verhaal
en vergelijkbare zwakheden.
Desanka Maksimović (1898-1993), Joegoslavië
uit de bundel "Liefde kon maar beter naamloos zijn",
honderdvijftig dichteressen voor Amnesty International). Uitgeverij De Geus, 2000.
Hoe kunt u mee doen aan de Urgente Acties?
U kunt zelf de brief opsturen (zie de download link boven aan de actie).
Of u schrijft zich in, zodat u per e-mail van iedere urgente actie een melding krijgt en via één klik kunt deelnemen aan de Urgente Actie. Acat Nederland bundelt dan alle brieven en stuurt deze voor u naar de betreffende instanties.

