Zingen van de nieuwe mens
Jou, Heer, vragen wij:
Laat ons zingen van de nieuwe mens
die opgroeit in de hoop,
die in zijn verdriet
toch al zijn verwachtingen voeding geeft,
die vers bloed voert in dode aderen,
die vrijheid herbergt achter tralies.
Jou, Heer, vragen wij:
laat ons zingen van de nieuwe mens,
die niet berust in zijn ellende
die zoekt, vraagt, strijdt en denkt,
die weet dat liefde
een tastend rondgaan is,
waarbij hij de onschuld van anderen op het spel zet.
Jou, Heer, vragen wij:
laat ons zingen van de nieuwe mens,
die nooit volledig mens kan zijn
zolang er mensen zijn die anderen uit angst onderdrukken.
Mogen zij leren
dat vrij zijn geen droom is
maar een vuur dat tegen de wind in
wordt ontstoken.
Peru; uit: Latijns-Amerika bidt

