UIT: MISSIE en INTERACTIE
JAARGANG 61 NR 2 MEI 2006
‘ALS JE BIDT VOOR ALLE GEVANGENEN, MOET GOD MAAR UITZOEKEN WIE DAT ZIJN’
Twee dagen per jaar staan we in Nederland stil bij begrippen als oorlog, vrede en vrijheid. Op vier mei herdenken en herinneren we, op vijf mei vieren we onze vrijheid. Een vanzelfsprekende vrijheid, zo lijkt het nu, maar voor veel mensen elders op de wereld is vrijheid alleen iets waarvan zij kunnen dromen. De oecumenische mensenrechtenorganisatie ACAT Nederland strijdt wereldwijd tegen martelingen en doodstraf.
Onverschilligheid is erger dan niks doen, is het uitgangspunt van ACAT. Daarom is het belangrijk dat mensen een standpunt innemen over mensenrechten en de schendingen daarvan. Voorzitter Antoon van Hooft neemt als voorbeeld de Deense cartoonkwestie. Die ontstond nadat een Deense krant spotprenten had gepubliceerd waarin de profeet Mohammed onder andere werd afgebeeld als moslimextremist. ‘We weten zo weinig van elkaar. Zij weten niet waarom wij zo vanzelfsprekend praten over vrijheid van meningsuiting; wij weten niet waarom zij zoveel rumoer maken over tekeningen.’ Volgens Van Hooft is de kwestie of we confrontatie willen, dus de verschillen benadrukken, of verzoening, wederzijds begrip en respect. ‘Angst ontstaat overal, maar vanuit een sterke eigen persoonlijkheid moet je naar buiten treden. Er is geen duurzame veiligheid zonder eerbiediging van de mensenrechten voor iedereen.’ ACAT gelooft er heilig in dat de toekomst niet is wat er gaat gebeuren, maar wat wij er nu met zijn allen van maken. De organisatie wil christenen wakker schudden en ervan bewust maken dat zij de naam van een gefolterde en gekruisigde Christus dragen. Het geloof in een gefolterde, gekruisigde en wederopgestane Christus, geeft de leden kracht en hoop bij hun inzet voor de afschaffing van martelingen. Naast het evangelie is ook artikel drie van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens een belangrijke leidraad: Een ieder heeft recht op leven, vrijheid en onschendbaarheid van zijn persoon.
‘GEEN DUURZAME VEILIGHEID ZONDER MENSENRECHTEN’
BEZINNINGSKALENDER
Om haar leden bewust te maken van schendingen van mensenrechten en de gevolgen daarvan stuurt ACAT maandelijks een bezinningskalender. Hierin staan de namen van slachtoffers van bedreiging, marteling, moord of verdwijning. Zo konden de leden bijvoorbeeld op de jaarvergadering van ACAT op 4 maart stilstaan bij Bhagawati Chowdhary, die tijdens een vreedzame betoging in Nepal werd gearresteerd. In de kalender staan namen die de Nederlandse leden over het algemeen weinig zullen zeggen, maar ‘mensen zijn in de geest met elkaar verbonden’. Zoals ACAT lid Gabriëlle Steverink (78) het verwoordt tijdens de jaarvergadering: ‘De kalender maakt het concreet: als je elke dag bidt voor iemand die een naam heeft, lijkt het alsof het meer helpt.’ Lachend vervolgt ze: ‘Als je bidt voor alle gevangenen, moet God maar uitzoeken wie dat zijn.’ Ook andere leden zijn enthousiast. Een mevrouw geeft de andere leden de tip om de kalender op groot formaat te kopiëren en op te hangen in bijvoorbeeld de kerk of de lift van je flatgebouw.
Maar het blijft niet bij informatie geven. Door concrete acties wil ACAT machteloosheid doorbreken en inspireren tot nauwe betrokkenheid bij de mens, zijn waardigheid en zijn rechten. Elke maand heeft de organisatie een ‘urgente actie’. Leden worden opgeroepen mee te doen aan schrijfacties aan regeringsleiders vanwege mensen die bijvoorbeeld gemarteld worden of onterecht en vaak zonder proces gevangen zitten. Ook kunnen leden corresponderen met mensen die langdurig gevangen zitten of met mensen die ter dood veroordeeld zijn.
SCHRIJFACTIES
Volgens Theo van Boven, hoogleraar Internationaal Recht aan de universiteit van Maastricht en rapporteur van het VN-centrum voor mensenrechten in Genève, hebben schrijfacties echt effect, al moet je er geen overdreven verwachtingen van hebben. ‘U weet ook dat het helpt. We hebben altijd de hoop dat het in een aantal gevallen tot een positief effect heeft. Het is onze taak dit te doen.’ Elke maand bericht ACAT aan haar leden welke mensen door interventie van de organisatie zijn vrijgekomen.
Laura Bertens, secretaresse van ACAT, erkent dat het moeilijk is om te weten of de schrijfacties echt helpen, maar het helpt in ieder geval om de druk op te voeren bij regeringsleiders. ‘Het is bekend dat regeringen niet graag onze brieven ontvangen en zich gevoelig tonen voor onze aanklachten.’
Toen in 1948 de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens werd getekend, was er slechts een handjevol mensenrechtenorganisaties. Nu zijn er wereldwijd honderden organisaties die zich inzetten voor een betere wereld. Volgens Van Boven is het belangrijk dat
deze organisaties ook naar zichzelf durven te kijken. ‘Je kan alleen geloof waardig overkomen door kritiek ook op jezelf toe te passen. Ook onze eigen geschiedenis is niet vrij van smetten.’
Hoe vanzelf onze vrijheid in het Westen ook lijkt, deze verworven vrijheid moet nog dagelijks gevierd, bevestigd en bevochten worden. ‘Je kan geen dag de krant openslaan zonder berichten te lezen over schendingen van de mensenrechten’, aldus Bertens. Volgende maand herdenken we oorlogsslachtoffers en vieren we onze vrijheid, maar ‘er is nog genoeg werk aan de winkel in de wereld van gisteren, vandaag en morgen’, aldus Van Boven. ‘Mensenrechten en de aantasting van de menselijke waardigheid zijn de orde van de dag. Er is nog veel te doen.’
HOOGLERAAR INTERNATIONAAL RECHT THEO VAN BOVEN: ‘SCHRIJFACTIES HEBBEN EFFECT, AL MOET JE ER GEEN OVERDREVEN VERWACHTINGEN VAN HEBBEN.’
ACAT
In 1973 wees Amnesty International de kerken erop dat ook zij een rol konden spelen bij het opkomen voor de mensenrechten. In Frankrijk voelden twee protestantse vrouwen, Hélène Engels en Edith Tertre, zich hierdoor aangetrokken. Toen zij van een Italiaanse dominee hoorde over folteringen in de Vietnamoorlog, besloten zij christenen bijeen te brengen om actie te ondernemen. Een jaar later werd Actie van Christenen voor het Afschaffen van Martelen en de Doodstraf (ACAT) opgericht. Onder de deelnemers bevond zich ook de in die tijd in Frankrijk wonende Antonie van As-Arioni. Hij stond in 1985, samen met Trouw-journaliste Anne Biegel en Alfons Kroese, aan de wieg van ACAT Nederland. Inmiddels zijn er afdelingen in meer dan veertig landen in Europa, Azië, Afrika en Noord- en Zuid-Amerika. In Parijs is het overkoepelende orgaan FIACA T gevestigd, internationaal erkend als non-gouvernementele organisatie. FIACAT en ACAT Nederland hebben een adviesfunctie bij de economische en sociale raad van de Verenigde Naties en de Raad van Europa. ACAT is waarnemer bij de Afrikaanse Commissie voor de Rechten van de Mens en werkt nauw samen met andere mensenrechtenorganisaties, waaronder Amnesty International, Human Rights Watch, het Interkerkelijk Vredesberaad en Justitia et Pax. ACAT Nederland is financieel afhankelijk van de contributie van haar leden en van vrijwillige giften. Het ledenbestand is ‘zorgelijk’. Op dit moment telt ACAT Nederland bijna tweehonderd leden, maar dit aantal neemt jaarlijks af met name door het uitblijven van nieuwe, jonge leden.
LAETITIA GRIFFIOEN

