ACAT Nederland

Mensenrechtenvereniging van Christenen voor de Afschaffing van Martelen en de Doodstraf

7 maart 2005

20 JAAR ACAT NEDERLAND

Artikelen

“Want ik had honger en jullie gaven mij te eten, ik had dorst en jullie gaven mij te drinken. Ik was een vreemdeling, en jullie namen mij op, ik was naakt, en jullie kleedden mij. Ik was ziek en jullie bezochten mij, ik zat gevangen en jullie kwamen naar mij toe…………”
“Ik verzeker jullie: alles wat jullie gedaan hebben voor een van de onaanzienlijksten van mijn broeders of zusters, dat hebben jullie voor mij gedaan.”
(Nieuwe bijbelvertaling Mattheüs 25, 35)

ACAT BEGON IN FRANKRIJK
Afgelopen december vierde ACAT Frankrijk haar 30-jarig bestaan. Met de start van ACAT Frankrijk zag een mensenrechtenorganisatie van oecumenisch christelijke signatuur het licht. In 34 landen, waaronder Nederland, werd nadien dit voorbeeld gevolgd.

In 1973 wees Amnesty International de kerken op de rol die zij zouden kunnen spelen met betrekking tot de mensenrechten. Hélène Engels (1901) en Edith Tertre (1911), twee protestantse vrouwen, zagen dat dit thema voor kerken niet actueel was.
Na het horen van het verhaal van een Italiaanse dominee over folteringen in de Vietnamese oorlog, besloten zij mensen vanuit verschillende christelijke denominaties bijeen te brengen om met elkaar te zien wat actief gedaan kon worden. Onder hen bevond zich ook de in die tijd in Frankrijk wonende Antonie van As-Arioni die later aan de wieg van de Nederlandse ACAT-afdeling zou staan.
De groep besloot in 1974 tot het oprichten van een mensenrechtenvereniging vanuit christelijke principes, die zich speciaal zou richten op afschaffing van martelen en de doodstraf. Zij noemden de vereniging ACAT, wat staat voor Actie van Christenen voor afschaffing van het Martelen (Action des Chrétiens pour l’Abolition de la Torture).
ACAT voert sindsdien niet alleen actie voor mensen die gemarteld worden , maar ook voor mensen die ter dood zijn veroordeeld, zonder proces gevangen zitten, “verdwenen” zijn, of mensonwaardig behandeld worden. Zij maakt geen onderscheid tussen afkomst, ras of geloof van de slachtoffers.

ACAT INTERNATIONAAL
In 1987 is de Internationale Federatie van ACATs, FIACAT, opgericht met als standplaats Parijs. Dit netwerk is een ondersteuning voor de afzonderlijke ACATs en is internationaal erkend als NGO (Niet Gouvernementele Organisatie) met adviesrecht bij de economische en sociale raad van de Verenigde Naties. FIACAT woont zittingen bij van de Commissie voor Mensenrechten, en volgt de vorderingen van de mensenrechtencommissie en de commissie tegen martelen. Zij heeft adviesrecht bij de Raad van Europa en heeft recht van toezicht bij de Organisatie van Afrikaanse Eenheid.
FIACAT organiseert internationale seminars zoals “Europa 2000: Hoe staat het met de mensenrechten?” in Praag, en “Afrikaanse culturen en de strijd tegen het martelen” in Dakar, Senegal in augustus 2003. Verder is er de “Norbert Kenne mensenrechten cursus” bedoeld voor Afrikaanse ACAT-leden.
FIACAT is lid van de CINAT: de overkoepelende organisatie van Amnesty International (AI), Association for the Prevention of Torture (APT), International Commission of Jurists, International Federation of Action by Christians for the Abolition of Torture (FIACAT), International Rehabilitation Council for Torture Victims (IRCT), World Organisation against Torture (OMCT), Redress Trust (REDRESS). Verder wordt samengewerkt met Human Right Watch en Justitia et Pax.

Momenteel zijn er ACAT afdelingen in 34 landen:
Europa: 13
Albanië, België (Wallonië en Vlaanderen), Duitsland, Frankrijk, Hongarije, Italië, Luxemburg, Nederland, Roemenië, Spanje, Verenigd Koninkrijk, Zweden, Zwitserland.
Afrika: 14
Benin, Burkina-Faso, Burundi, Centraal Afrikaanse Republiek, Tsjaad, Democratische, Republiek Kongo, Ghana, Kameroen, Kongo, Ivoorkust, Mali, Senegal, Togo, Zuid Afrika.
Amerika: 5
Brazilië, Canada, Haïti, Mexico, USA.
Azië: 1
Oceanië: 1
Filippijnen
Madagaskar

ONTSTAAN VAN ACAT NEDERLAND
De pioniers van ACAT in Nederland zijn, naast de reeds genoemde Antonie van As, Anne Biegel, destijds journaliste bij het dagblad Trouw en Alfons Kroese, ocd. Na een aantal aanvangsverwikkelingen en -strubbelingen werd een werkgroep opgericht, mede met de steun van het bisdom Rotterdam. Deze werkgroep stichtte op 16-12-1986 ACAT Nederland. Toen ACAT 20 jaar geleden in Nederland werd opgericht, kreeg zij veel aandacht en adhesie in kringen van religieuzen. Gezien zowel de doelstelling van ACAT als de levensinstelling van religieuzen is dat heel begrijpelijk. Geleidelijk aan sloten zich ook niet-religieuzen aan. Dat is een gelukkige ontwikkeling want niemand heeft een monopolie op een “religieuze levenshouding”.
De verdere ontwikkeling van ACAT Nederland is afhankelijk van een sterk oecumenisch ledenbestand, al of niet kerkelijk gebonden. ACAT roept haar leden op hieraan, samen met andere organisaties, actief te willen meewerken.

WAT DOET ACAT?
In de strijd voor mensenrechten is het belangrijk dat veel mensen een standpunt innemen en actief worden. Onverschilligheid is vaak erger dan niets doen. Vandaar dat het belangrijk is om mensen te informeren en bewust te maken om hen zodoende in staat te stellen een gefundeerde mening te ontwikkelen.

Leden van ACAT wordt opgeroepen mee te doen aan schrijfacties aan regeringsleiders vanwege bijvoorbeeld mensen die gemarteld worden/zijn en of onterechte gevangenen. ACAT verstrekt achtergrondinformatie en voorbeeldbrieven. Het is bekend dat regeringen niet graag onze brieven ontvangen en zich gevoelig tonen voor de aanklachten die wij doen.

Ook wordt gevraagd mensen te steunen door middel van gebed. Hiertoe geeft ACAT maandelijks een zogenoemde gebedskalender uit. Deze kan gebruikt worden voor het persoonlijke gebed, voor een gebedskring of bij een kerkdienst. Hierin worden iedere dag een of meerdere slachtoffers met name genoemd en wordt een moment van bezinning en gebed voor hen gevraagd, om kracht in hun situatie, voor hun pijn en hun verdriet.

Via ACAT is het mogelijk adressen te ontvangen om te corresponderen met ter dood veroordeelden of lang ge¬straften. Vaak zijn deze brieven een van de weinige contacten met de buitenwereld en ervaren de ontvangers dit als vriendschap op afstand.

Verder verbindt ACAT zich aan de strijd om wereldwijd de doodstraf af te schaffen. Zij baseert zich hier op het uitgangspunt dat een hogere macht ons het leven heeft gegeven en dat het aan deze macht is het leven weer terug te nemen. Een mens heeft nooit het recht een ander mens van het leven te beroven.

Het bestuur van ACAT onderneemt actie wanneer een doodstraf uitgevoerd dreigt te worden en bij mensenrechtenschendingen waarbij direct gehandeld moet worden.

Het Kerkelijk Overleg Mensenrechten (KOM) waarin samen acties worden ondernomen bestaat uit Amnesty International, KerkinActie, het Interkerkelijk Vredesberaad (IKV) en Solidaridad, waarbij ook andere organisaties worden betrokken afhankelijk van de te voeren actie.

Een comité van aanbeveling ondersteunt onze doelstellingen. Leden van dit comité zijn :
Dhr. H. Baars, Drs. Jan Willem Bertens vz. CLAT Nederland, Dhr.Jos Brink kunstenaar-pastor, Kol. A.M. Bosshardt Officier Leger des Heils, Drs. Alfons Kroese ocd theoloog, Mevr. Nel Lievegoed-Schatborn arts-sociaal therapeute, Ds. Nico ter Linden hervormd predikant, Mgr. A.H. van Luyn s.d.b. bisschop bisdom Rotterdam, Dr. Jan Diek van Mansvelt docent-onderzoeker Ecologische Landbouw LUW, Ds. Judith van der Werf dominee IKON Pastoraat, Prof.dr. Anton Wessels hoogleraar Missiologie en Godsdienstwetenschappen VUA

BELANGRIJKE GEBEURTENISSEN VAN DE LAATSTE 50 JAAR
In onderstaande worden belangrijke data weergegeven in de ACAT geschiedenis, gezien tegen gebeurtenissen in de wereld van die tijd. Na de verschrikkingen van de tweede wereldoorlog werden de Verenigde Naties opgericht en werden voor het eerst de rechten van de mens omschreven (1948). Er volgde de zogenaamde ‘koude oorlog’ tussen het Oosten en het Westen met crises rondom Korea, Berlijn, Cuba en Vietnam.

* 1974 OPRICHTING ACAT FRANKRIJK.

Spanningen rondom Israël bestaan reeds vanaf het begin van haar bestaan. De Sovjet Unie voert 10 jaar oorlog met Afghanistan. Later zal blijken dat islamitische extremisten toen hun opleiding kregen. Iran krijgt een islamitische regering en voert en jarenlange oorlog met Irak.

* 1985 OPRICHTING ACAT NEDERLAND
* 1987 OPRICHTING FIACAT

De val van de muur in 1989 is van historische waarde. Het Warschau Pact valt uiteen. De vrije markt economie zet de opmars voort en dringt zelfs binnen in het tot dan toe afgesloten China. Irak voert twee maal oorlog met het Westen. In Rwanda vindt een genocide plaats. Steeds meer landen in Zuid-Amerika krijgen een democratische gekozen regering.

* 1995 JUNI, MÜNSTER; “STRAFFELOOSHEID – GERECHTIGHEID – VERGEVING:
CHRISTELIJKE WEGEN TOT VERZOENING?”
* 1997 MAART, BUDAPEST; “MENSENRECHTEN IN OOST- EN WEST EUROPA”
* 2000 OKTOBER, PRAAG; “EUROPA 2000: HOE STAAT HET MET DE MENSENRECHTEN?”

* 2001 11 SEPTEMBER:

Een keerpunt wanneer de Twin Towers in New York vernietigd worden.
Het Westen heeft een nieuwe tegenstander gekregen. Deze keer lijkt
het geen politieke geïnspireerde, maar een religieus geïnspireerde tegenstander te zijn. Een tegenstander die niet aan een bepaald
territorium gebonden is maar onzichtbaar en zich onder ons bevindt.

* 2002 AUGUSTUS, DAKAR; “DE AFRIKAANSE CULTUUR EN DE STRIJD TEGEN HET MARTELEN”

* 2004 DE EUROPESE UNIE BREIDT ZICH UIT TOT 25 STATEN.

* 2004 DECEMBER, PARIJS; VIERING 30STE VERJAARDAG VAN ACAT FRANKRIJK

* 2005 20-JARIG JUBILEUM VAN ACAT NEDERLAND

20 JAAR ACAT NEDERLAND
Bij het 10-jarige bestaan (1984) van ACAT Frankrijk schreef Jacqueline Westerkamp nog: “10 jaar geleden kon de bewering dat martelen bestaat nog verrassen, maar vandaag de dag kan dit niet meer ontkend worden, als je ten minste je ogen en je oren niet sluit”.
ACAT heeft er steeds aan gewerkt dat de ‘blinden’ ziend en de ‘doven’ horend zouden worden. Zij heeft de mensen, waaronder politici, wakker geschud en laten zien dat beschadiging van de menselijke waardigheid onacceptabel is. Tegenover de schaduw van het martelen staat het opwekken van de verontwaardiging in velen van ons.
Martelingen zijn geen abstract verhaal meer. Via de media zijn beelden van martelpraktijken heel concreet geworden. Martelingen kunnen niet meer ontkend worden. Dit is een belangrijk gegeven. Daar waar men kennis van zaken heeft, draagt men verantwoordelijkheid.

Tegelijkertijd merken we dat het nemen van verantwoordelijkheid niet vanzelfsprekend is. We worden overvoedt door informatie. De informatiestroom is vaak zo groot en zo divers dat we nauwelijks of geen tijd hebben om een en ander te verwerken. Toch blijkt er steeds weer een harde kern van mensen te zijn die blijft vasthouden aan principes en zich blijft inzetten voor een wereld zonder angst en zonder onderdrukking.

Het werk van de laatste twintig jaar heeft er onder andere voor gezorgd dat politici gevoeliger zijn geworden voor het thema martelen, dat er een speciale Europese commissie voor het voorkomen van martelen (European Committee for the Prevention of Torture, CPT) in het leven is geroepen. Vooral in Zuid-Amerika is door de komst van meer democratische regimes het aantal martelpraktijken gedaald.

De verandering van het laatste decennium is dat martelingen door regeringen steeds meer plaats zijn gaan maken voor martelingen en verdwijningen uitgevoerd door verzetsgroepen. Dit maakt het aanpakken van deze praktijken nog moeizamer.

IS MARTELEN IN ‘LICHTE’ MATE TOEGESTAAN?
Ontwikkelingen zijn er nooit zomaar. Een lange periode gaat vooraf
aan het manifesteren van bepaalde ontwikkelingen. Sinds de strijd
tegen het terrorisme wordt er in de traditioneel democratische landen anders over martelen gesproken. Zo vindt er in Amerika en Engeland een discussie op regeringsniveau plaats, die het martelen van gevangen onder bepaalde omstandigheden zou moeten toestaan. Onder het mom van de algemene veiligheid zouden van terrorisme verdachte mensen in ‘lichte’ mate gemarteld mogen worden om aan hen waardevolle informatie te ontlokken. Deze houding herinnert aan de respectloze houding die
Francis Bacon (1561-1626), de grondlegger van de wetenschap in de Nieuwe Tijd, tegenover de natuur aannam:
‘We moeten de natuur martelen, om haar zo haar geheimen te ontfutselen.’
Kennis zou men kunnen vergaren door te luisteren naar het ‘schreeuwen’ van
natuur die onder laboratorium omstandigheden uit haar verband wordt gebracht.
Vanaf die tijd is het standaard geworden om zo te werk te gaan. En wij kunnen
niet ontkennen dat het veel heeft opgeleverd. Een schaduwkant van deze ontwikkeling
is dat de natuur steeds meer tot ‘ding’ gemaakt is. Door de materialistische kijk op de
wereld is de verhouding tussen de dingen uit het oog verloren is. Ga maar na. Over mensen wordt tegenwoordig gesproken alsof het veredelde dieren zouden zijn. Gedragswetenschappen en de biologie denken de mens te kunnen begrijpen door hem te zien als een dier. Dieren daarentegen worden gehouden alsof het planten zijn.
Ze staan op een rijtje in de stal of zitten in hokken en met als eenzijdig doel zoveel mogelijk melk te geven of eieren te leggen. Planten groeien niet meer in de aarde maar in een goot met steenwol en worden gevoerd met water en kunstmest.

Een plant kan nooit volwaardig zijn wanneer hij niet staat in de polariteit van de aarde die hem ‘omlaag’ trekt en de kosmos die hem ‘omhoog’ trekt. Een dier kan nooit volwaardig zijn wanneer hij niet vrij kan bewegen.

Een mens kan niet volwaardig zijn wanneer hij niet geleerd heeft zich doelen te stellen en te reflecteren over zijn eigen daden. Wanneer we de mens niet zien als een wezen dat zich evenveel van een dier onderscheidt als een dier van een plant, ontstaat het gevaar
dat de mens als het ware zijn hoofd verliest. De mens is mens omdat hij zich bewust is van zichzelf en van de ander en van hieruit verantwoordelijkheid voor de wereld en voor anderen kan nemen.
De mens heeft idealen en een levensdoel die hem inspireren en boven hem uitgaan. Wanneer dit hogere doel vervaagt ontstaat het verontrustende fenomeen dat de moraliteit animaliseert, dat hij vegetatief gaat leven en dat geen zin aan het leven gegeven kan worden.

Bovenstaand betoog wil duidelijk maken dat er boven op de vier wereldrijken van mineralen, planten, dieren en mensen een kroon staat die we de wereld van de hogere idealen of de spirituele wereld kunnen noemen. Als het om morele waarden gaat is dat de wereld waar we ons aan moeten spiegelen.
Ook in de wetenschap zien we de verschuiving naar ‘omlaag’ terug. De biologie wordt tot scheikunde, de scheikunde wordt tot natuurkunde en de natuurkunde wordt tot wiskunde.

Vanuit een christelijk perspectief is de mens een spiritueel wezen dat de menswording van zichzelf en van de ander voorop stelt. Vanuit dit gezichtspunt kan hij vernedering en marteling van anderen nooit goedkeuren, ook niet wanneer de andere het slecht voorheeft met de wereld. Een staat die de menselijke waardigheid hoog in het vaandel heeft staan zal burgers mogelijk streng, maar altijd met waardigheid behandelen.

Minderwaardig handelen van de een zou hoogwaardig optreden van de anderen tot gevolg moeten hebben. Vanuit dit gezichtpunt is het dan ook onverteerbaar dat landen als
Amerika en Engeland overwegen vormen van martelen te introduceren. Als zij denken dat de veiligheid van hun burgers hiermee gediend zou zijn hebben zij het mis. Er is geen duurzame veiligheid zonder eerbiediging van de mensenrechten voor iedereen.

De conclusie van een en ander is dat het kennelijk niet genoeg is om alleen maar te strijden tegen de praktijk van het martelen, maar dat het ook nodig is om te benadrukken dat het van groot belang is om bij het oordelen over en behandelen van verdachten steeds de hogere doel van de mens als leidraad te nemen.

Tot nu toe is dat steeds het geval geweest. De rechten van de mens zoals vastgelegd bij de Verenigde Naties zijn na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog vanuit dit hogere doel beschreven. Het zou een slechte zaak zijn wanneer we vanwege angst dit principe verlaten en pragmatisch omgaan met mensenrechten tot nieuwe standaard verheffen.

KRONEN DRAGEN IN HET LICHT
Het geloof in de spirituele wereld geeft ons juist moed en hoop om
uit de schaduw van angst en beklemming te treden en te kunnen
staan in het licht van de inspiratie van ons hogere doel.
Hierdoor komen we stevig in de wereld te staan en kunnen we
onze ‘kronen in het licht’ dragen, zoals het volgende gedicht
zo mooi zegt.
Ynskje

Zo pril onaangeraakt
Als voorjaarsgroen
Mijn ik
Dat mij gezonden heeft om hier
Te groeien tot een boom van waarheid

Daarom grijp ik
Handen-ogenvol
De aarde:
Aarde bouwt de stam

Wat stevig staat
En diep geworteld is
Draagt kronen
In het licht
(Gedicht voor een 13-jarig meisje
door docent Luc Altink)

Antoon van Hooft, maart 2005

Doe mee aan de urgente actie per e-mail

Als u zich inschrijft ontvangt u voor elke nieuwe Urgente Actie een email bericht. Als u aan de Urgente Actie wilt deelnemen klikt u op de link in de e-mail en wij verzorgen dan het versturen van uw gepersonaliseerde brief naar de betreffende instanties. U hoeft dus verder niets te doen.


privacy statement